Inspiratie voor kinderen en de 7 universele wetten

interview met Anita Brouwers door Marja de Vries

De universele wetten zijn zoiets als de sleutel tot de geheimen van het universum. Veel kinderen blijken deze geheimen te kennen. We kunnen kinderen helpen bij het integreren van deze wijsheid in hun leven, zodat hun leven beter gaat stromen. “Vreugde is de levensenergie van ieder kind (mens). Soms lijkt die vreugde evenverdwenen te zijn. Dat kan doordat er thuis veel veranderingen zijn, omdat het moeilijk is om in de klas je plekje  te vinden, wanneer kinderen gepest worden, zich angstig voelen of het lastig vinden om zich te uiten. Dan kunnen kinderen best wat inspiratie gebruiken,” zegt Anita Brouwers van ‘Inspiratie voor kinderen’. Ze werkt met basisschoolkinderen die behoefte hebben aan inzichten en zingeving zodat rust, vertrouwen, verbondenheid en vreugde een grotere plek in hun leven kan krijgen. Dat doet ze onder meer aan de hand van de universele wetten:“Er zijn veel avonturen te beleven en te overwinnen op je levensreis. Door het herkennen van de universele wetten kun je daar beter mee omgaan, je bent soepeler, je geeft mee. Je hebt meer overzicht om de dingen die je tegenkomt op te vangen. Als je de universele wetten (weer) gevonden hebt en ze herkent in je leven kan het de reis van het leven wat makkelijker en leuker maken,” legt ze uit. Wanneer kinderen de grotere verbanden weer gaan zien kan het vertrouwen in hun wereld terugkeren en verdiepen. Spiegelen is vaak genoeg, want kinderen blijken een innerlijke
kennis van de universele wetten te hebben.

Goed luisteren
Door samen aan de slag te gaan met dat wat zich op dat moment voordoet komen bij haar manier van werken vanzelf verschillende universele wetten aan de orde. “Kinderen weten veel. Dit weten van kinderen zit in hun hart, niet altijd in hun hoofd. Ze kunnen prachtige leermeesters zijn. Luister daarom goed naar ze. Ik vind het belangrijk om die innerlijke wijsheid te erkennen en te spiegelen, zodat het makkelijker voor kinderen wordt om die wijsheid in hun leven te integreren. Dat versterkt hun vertrouwen in eenheid en verbondenheid.” Zo vertelde Fleur van zeven: “We zijn eigenlijk energietovenaren.” Of Joris van acht: “Als alles trillende onzichtbare toverbolletjes zijn, kan ik daar dan mee spelen?” Kim van zes jaar zei: “We lijken wel een soort sterretjes-lijm.” In de opmerking van Kim herkent Anita de Wet van Eenheid: alles komt voort uit dezelfde bron, een bron van energie. We zijn allemaal van hetzelfde ‘spul’ gemaakt en omdat alles Eén is, staat alles in verbinding met elkaar. Soms lijkt het misschien dat we van al het andere gescheiden zijn, maar we kunnen ons weer herinneren wat ons bindt: liefde.

Reizen op de Levensrivier

In haar gesprekken met kinderen gebruikt Anita onder andere het beeld van varen in een bootje (je lijf) op de levensrivier. “Als
we vonkjes van de bron zijn die in een bootjes op de levensrivier varen kan je het bootje soms laten mee kabbelen, aanleggen of
tegen de stroom in peddelen. Welke belevenissen heb je meegemaakt tot nu toe op je boottocht en wat kan je gebruiken of wil je
bewaren op de rest van de reis en wie varen er nu in hun bootjes met je mee?” Op allerlei manieren heeft ze met kinderen gewerkt: als onderwijzeres, mimespeler, balletdocente, en ze heeft met kinderen gefilosofeerd en geschilderd. In haar werk gebruikt Anita haar veelzijdige ervaring met disciplines zoals muziek, gedichtjes, mime, dans, toneel, poppenspel, visualisatie, meditatie of gewoon lekker spelen met een bal of wandelen. Verder gebruikt ze allerlei materialen zoals stof, papier, wol, klei, kralen, verf en spelletjes. “Spelend, knutselend of met dans en muziek reizen we kriskras door de universele wetten zoals ze zich voor doen, afhankelijk van interesse en levenssituatie van het kind. Zo reizen we bijvoorbeeld door het land van tegenstelling (Wet van Polariteit) naar spiegelland (Het Spiegelprincipe), langs de wensboom (Wet van Aandacht), varend op de levensrivier (de Weg van de Minste Weerstand), komen we de laagjespoppen tegen (Wet van Overeenstemming) enzovoorts.”
Voorbeelden
Het land van tegenstelling (Wet van Polariteit) maakt zichtbaar dat alles op deze wereld een tegenovergestelde schijnt te hebben. “Als het één er niet is zouden we het andere dan kunnen zien of meemaken? Welk lijntje hebben ze met elkaar?”  Beau van twaalf: “Geluk en ongeluk als die elkaar tegen komen komt er ‘gewoon’ uit en wat elkaar vernietigt, trekt elkaar aan.”
Anita: “We kunnen onderweg ook een wensboom tegen komen (Wet van Aandacht). Die wensboom kan je wensen laten groeien,
want als we onze aandacht ergens op richten, lijkt het groter te worden in ons leven, alsof we de dingen bekijken met een vergrootglas.” Het begrijpen van de wensboom helpt om te weten hoe je je gedachten kan laten meehelpen om een krachtige ridder of ‘ridster’ te worden in je eigen leven. Gedachten hebben krachten. Helpende gedachten maken je sterker. Jasmijn van elf legt dit zo uit: “Als je gedachten de macht overnemen dan weet je niet meer dat het maar gedachten zijn. Dan denk je dat het echt zo is. Je kan zelf kiezen of je naar je gedachten wil luisteren.” Het universum en alles daarbinnen kent een soort van gelaagdheid. Ook wij zelf kennen die gelaagdheid (Wet van Overeenstemming). Om met kinderen in gesprek te raken over de gelaagdheid van ons lichaam, aura, gevoelens, gedachten tot hart/ziel energie werkt Anita onder andere met de Russische poppetjes die in elkaar passen. Ze legt kinderen uit dat deze poppetjes je kunnen vertellen hoe al die laagjes samen werken en op elkaar reageren. Zo vraagt ze bijvoorbeeld: “Hoe zit dat met je lichaam, je gedachten en gevoel?” Emma van 9 jaar antwoordde: “Verdriet is huilen van binnen. Dat voel je in je buik want de poppetjes praten met elkaar.” En Thomas vraagt verrast aan haar: “Waarom weten anderen niet van de laagjes poppetjes en de wensboom?”

Manifesteren
“Na een gesprekje over kringlopen in de natuur legde Eden (tien) me uit: er zal nooit een begin zijn of een eind. Ooit vroeg ik aan een kind: als we onze meest favoriete dag nu konden downloaden en telkens op replay konden drukken dan zijn we af van die veranderingen. Dan kunnen we alles bij het oude laten. Duck elf jaar: “Maar Anita, jij leest toch ook niet elke keer het zelfde
hoofdstuk uit een boek?” Hierin weerklinkt de Wet van Ritme, die duidelijk maakt dat alles altijd verandert, dat alles voorbij gaat, en dat alles permanent leert en in ontwikkeling is. Sofie van twaalf jaar schreef dit gedichtje voor Anita: “De toekomst is geen draaiboek zoals de meeste mensen denken. De toekomst zijn cadeautjes die het leven je kan schenken. Soms kom je ook steentjes tegen, daar kun je je aan bezeren. Maar van heel veel steentjes kan je best wat leren.”

In gesprek met Pepijn van tien zegt Anita: “Alles in deze kamer is ooit een idee geweest.” Zo legt ze de Wet van Dynamische Balans uit, die duidelijk maakt dat creëren het vorm geven aan ideeën is. De behoefte van zijn maag was de bron van een idee: hij wilde pannenkoeken bakken. Daarna volgde het proces van creëren: door de ingrediënten samen te voegen en de energie van je arm die het beslag klopt ontstaat eerst een vloeibare vorm. We gieten dit in een pan en met de energie van het vuur maken we
er een vaste vorm van. Die vaste vorm is volgens hem wel super tijdelijk (Wet van Ritme). Al pannenkoeken etend zegt Pepijn:
“Dat is toch duidelijk. Weet je niet hoe dat heet? Dat is nou materialiseren.”

Vertrouwd met de wetmatigheden
Om op deze manier met kinderen met universele wetten te werken is het natuurlijk in de allereerste plaats belangrijk om zelf
vertrouwd te zijn met de universele wetmatigheden. Als kind was Anita op zoek naar de waarheid ‘achter de dingen’ en stelde zichzelf vragen als: “Wat is er aan het einde van het universum?” en “Wat is niets?” Later ging haar zoektocht verder naar zingeving. “Door veel lezen kwam ik enkele universele wetten tegen maar nooit eerder vond ik ze zo duidelijk omschreven als in het boek De Hele Olifant in Beeld van Marja de Vries. Haar boek heeft me geïnspireerd om deze universele wetten mede als leidraad te gebruiken in mijn werk. Als we deze basisprincipes bij de zoektocht van kinderen naar zingeving en het grote beeld, net als taal en rekenen, op een speelse manier een plek kunnen geven in het onderwijs. kunnen we de wijsheid vanuit het kind een vorm geven die bij het kind past, zodat hun leven beter gaat stromen.”

Eigenlijk weet je alles,
Maar niet altijd met je hoofd,
Als je me niet gelooft
Het is heel apart,
Wees stil en luister naar je hart.

Geen reactie's

Geef een reactie